De zender Herrijzend Nederland zond op 4 mei 1945 om 20:58 uur het historische nieuws uit dat de Duitse troepen in Nederland, Noordwest-Duitsland en Denemarken hadden gecapituleerd voor de geallieerden. Dit was de eerste officiële radiouitzending in bevrijd Europa die de wapenstilstand aankondigde.
De Duitse generaal Johannes Blaskowitz tekende de capitulatie voor Nederland in aanwezigheid van de Britse veldmaarschalk Bernard Montgomery op de Lüneburger Heide. Omroeper Karel Nort las via de radiozender Herrijzend Nederland de tekst van de overgave voor. 'Landgenoten, wij herhalen het bericht, waarop wij allen zo lang hebben gewacht. Veldmaarschalk Montgomery heeft aan generaal Eisenhouwer medegedeeld dat alle Duitse strijdkrachten in Nederland, in het Noord Westelijk gedeelte van Duitsland en in Denemarken met inbegrip van Helgoland en de Friese eilanden hebben gecapituleerd.'
Oorlog op de radio
De felle strijd tussen Radio Oranje, de Rijksradio en Radio Herrijzend Nederland
Verwacht: boek Oorlog op de radio
Spannende reconstructie, deels uit nieuwe bronnen, van de radio in oorlogstijd
Tijdens de Tweede Wereldoorlog woedde er een hevige propagandastrijd tussen Radio Oranje, de spreekbuis van de Nederlandse regering in balli...
zondag 31 mei 2026
De capitulatie van Duitsland
woensdag 20 mei 2026
Radio uitzending 10 mei 1940, de Duitse inval
De Duitse inval op 10 mei 1940 komt voor de Nederlandse regering als een complete verrassing. In de vroege ochtend laat de Duitse gezant in Den Haag, Graf von Zech, weten dat hij de minister van Buitenlandse Zaken een boodschap wil overhandigen op zijn departement. De aan- geslagen boodschapper kan amper een woord uitbrengen en barst in huilen uit. Op het briefje dat hij heeft meegenomen staat dat Duitsland Nederland is binnengevallen en dat tegenstand nutteloos is.
Vanaf 10 mei worden er op de Nederlandse radio hoofdzakelijk grammofoonplatenmuziek gedraaid, onderbroken door berichten van de Luchtwachtdienst en van het ANP.
De eerste paar dagen roept de Luchtwachtdienst via de radio-omroep voortdurend de nadering en het overvliegen van Duitse vliegtuigen rond: ‘Hier luchtwachtdienst, hier luchtwachtdienst: 15 Heinkels vliegen over Delft in noordelijke richting; parachutisten neergelaten, parachutisten neergelaten. Groot aantal Junkers naderen Dordrecht; weest op Uw hoede.’
Meer over de de omroep in Hilversum in het boek Oorlog op de radio
zaterdag 9 mei 2026
Nieuwe gebouwen
Door JAN LIBBENGA
Vóór 1914 bestaat in Nederland slechts de radiotelegrafie, de ‘overbrenging langs radioweg van tekens’; woordoverbrenging is er praktisch nog niet. De Eerste Wereldoorlog wekt de behoefte op om tot ‘radiotelefonische berichtgeving te geraken’. In 1919 wordt een telefoniezender op de Amsterdamse effectenbeurs geïnstalleerd, het begin van de eerste omroepzender in Nederland en in Europa. In datzelfde jaar begint in Den Haag Hanso Idzerda met een telefoniezender voor ontspanningsdoeleinden. Nederland loopt daarmee in Europa voorop; zelfs de BBC raakt geïnspireerd door de Haagse uitzendingen, die tot in het zuiden van het Verenigd Koninkrijk kunnen worden ontvangen.
In 1923 denkt NSF-verkoopdirecteur Willem Vogt dat er onder amateurs wel vraag is naar een betaalbaar radiotoestel dat niet uit karton en draad is vervaardigd. Vertegenwoordigers van de Nederlandse Seintoestellen Fabriek trekken met de toestellen langs installateurs van elektrische apparaten. Die zijn vol lof, maar hebben ook kritiek: ‘Wat kun je ermee horen?’ Vogt schrijft later in zijn memoires: ‘En dan moest ik wel antwoorden: “Niets!” “Niets?!?” Goed, ik mompelde wat over het weerbericht van Vossegat en misschien het tijdsein van de Eiffeltoren in morse, maar dat was niet voldoende om de dealers te enthousiasmeren.’
Op 21 juli 1923 begint de NSF daarom met proefuitzendingen. Een jaar later leidt dat tot de oprichting van de Hilversumsche Draadlooze Omroep (HDO), gevolgd door de Vereeniging Hilversumsche Draadlooze Omroep en de Algemeene Vereeniging Radio Omroep (AVRO).
Deze zender heeft weinig oor voor religieuze uitzendingen. Daarom wordt in juli 1924 de Nederlandsche Christelijke Radio-Vereeniging (NCRV) opgericht, die tegen betaling zendtijd huurt op de NSF-zender en in december 1924 haar eerste uitzending verzorgt. Het volgende jaar is de Katholieke Radio Omroep (KRO) aan de beurt, en kort daarna komt ook de Vereeniging van Arbeiders Radio Amateurs (VARA) zendtijd opeisen. Daarnaast wordt op zondag zendtijd gereserveerd voor de Vrijzinnig Protestantsche Radio Omroep (VPRO).
Deze organisaties hebben onderling nauwelijks contact, maar komen uiteindelijk onder controle van de overheid. Een belangrijke toevoeging aan de omroepwet is de instelling van de Radio Omroep Controle Commissie, die moet voorkomen dat uitzendingen gevaar opleveren voor de veiligheid van de staat, de openbare orde en de goede zeden. Wanneer nazi-Duitsland zijn invloed uitbreidt, wordt het omroepen bovendien streng verboden kritiek op dat regime uit te zenden, omdat dat de Nederlandse neutraliteit in gevaar zou kunnen brengen.
Bij het uitbreken van de oorlog hebben de omroepen zich nog maar net in nieuwe gebouwen gevestigd. In 1938 komt de KRO-studio aan de Emmastraat in Hilversum gereed, op loopafstand van de rooms-katholieke Sint-Vituskerk. De AVRO betrekt een nieuw gebouw aan de ’s-Gravelandseweg en voltooit in 1940 een tweede studioruimte aan de overzijde van het Melkpad, verbonden met een onderaardse gang. De VPRO is gevestigd in een villa op de voormalige buitenplaats Lindenheuvel. Aan de Schuttersweg verrijst de nieuwe NCRV-studio rond een centrale toren, terwijl de VARA al sinds de jaren twintig beschikt over een studio in een villawijk.
Meer over de de omroep in Hilversum in het boek Oorlog op de radio
donderdag 30 april 2026
Oorlog op de radio in de VARA Gids
woensdag 29 april 2026
Oorlog op de radio bij NH Nieuws
Het boek speelt zich gedeeltelijk af in Hilversum, waar tijdens de bezetting de genazificeerde Rijksomroep was gevestigd.
Terugluisteren kan hier.
zondag 26 april 2026
De moeilijkheden stapelen zich opeen
Door JAN LIBBENGA
'Er zal wel nimmer met zulk een gespannen aandacht naar de radio geluisterd zijn als in die dagen', zo valt te lezen in het jubileumboek KRO 1925-1950. Telkens weer wordt het programma onderbroken door de enerverende meldingen van de luchtwacht. De berichten over de militaire situatie zijn weinigzeggend voor de overgrote meerderheid van de luisteraars, veelbetekenend voor enkele ingewijden.
Maar op 14 Mei komt de tijding die voor niemand iets aan duidelijkheid te wensen overlaat: Hare Majesteit de Koningin naar Engeland vertrokken. Afschuwelijk zijn de berichten, die de omroep in de rampzalige dagen moet doorgeven. Nog is de capitulatieverklaring van generaal Winkelman niet verklonken. 'Een nieuwe orde zal worden gevestigd, die stellig niet voor de poorten van de radiostudio's halt zal houden. Integendeel, overtuigd als men in de autoritaire staten is van de enorme waarde van de radio als propagandamateriaal, zal men de omroepen zeker niet op de laatste plaats aan de invloed van betrouwbare Nederlandse besturen willen onttrekken.'
Er verschijnt al dadelijk na de capitulatie een detachement Rundfunktruppen onder bevel van een Oberleutnant en vier Sonderfuhrer. De heren hebben alles wat nodig is om een radioprogramma uit te zenden bij zich. Men is volledig paraat om de taak van de omroepen zo nodig over te nemen, maar voorlopig zal het parool dat de bezetters de omroepen geven luiden: gewoon met alles doorgaan. Onthoudt u alleen van alles wat Duitsland kan schaden.
Inderdaad gaat de K.R.O. gewoon door met alles en sluit zijn uitzendingen met het Wilhelmus alsof er geen bezetter bestaat. Maar zo idyllisch blijft de toestand niet. De moeilijkheden stapelen zich opeen.
De aankondigingen van het programma zijn soms zodanig geformuleerd, dat de achterdocht van de bezetter wordt gaande gemaakt. Er worden melodieën uitgezonden die de Engelse zender met tekst uitzendt als spotliederen op Hitler. Herhaaldelijk klinkt 'niet-Arische muziek'. Verzoeken van de adspirant-leider Mussert worden genegeerd. Ja, al spoedig blijkt, dat de omroepen slechte instrumenten in handen van de bezetter zijn. Dan komt de order: uit eigen beweging concentreren, anders . . . . Ja, wat anders?
Maar de Duitsers wensen niet anders dan de knechtschap aan het nationaal-socialisme. Daarom worden de voorstellen tot concentratie van de omroepen dan ook als onbevredigend verworpen, want zij laten geen twijfel aan het vaste voornemen van de omroepen om aan hun beginselen getrouw te blijven. Op 1 December 1940 komt de mededeling, dat de heer Goedewaagen van het departement van volksvoorlichting en kunsten, ir A. Dubois benoemd heeft tot gemachtigde voor de concentratie. Het is duidelijk, dat de dagen van de K.R.O. geteld zijn. De heren zullen het nu zelf wel gaan doen.
Met enkele pennestreken wordt het Nederlandse omroepsysteem, 'uniek in de wereld en volksschepping bij uitnemendheid', geschrapt. Op 16 December 1940 wordt het Centraal Bureau opgeheven, op 23 December wordt het instituut van vrijwillige bijdragen verboden, op 27 December wordt de Nederlandsche Omroep Zender Mij. geconfisqueerd, terwijl op dezelfde datum een radiobelasting in het leven wordt geroepen. Op 12 Maart 1941 wordt het sloperswerk bekroond met de opheffing van de omroepen. In de plaats hiervan komt de beruchte Nederlandse Omroep. De weg voor de Blokzijls, de Keuvels, Klessebessen en Jordaners is geëffend.
Meer over de KRO in het boek Oorlog op de radio
maandag 20 april 2026
Achter de AVRO
Door JAN LIBBENGA
De omroepen krijgen te horen dat ze voorlopig kunnen blijven uitzenden, op voorwaarde dat er geen anti-Duitse propaganda wordt uitgezonden. Een meevaller, omdat rekening was gehouden met de volledige overname van de studio's.
Tegelijk vorderen de Duitsers twee villa's (36 en 38) aan het Melkpad, direct achter de pas gebouwde radiostudio van de AVRO. Meestal hield dat in dat de bewoners 24 uur kregen om de woning of het kantoor te verlaten.
In deze villa's vestigt zich de Rundfunkbetreuungsstelle (RBS), die toezicht houdt op de uitzendingen van de omroepen. Alle lijnen van de radiostudio's eindigen in deze villa's, waar de eindregie is gevestigd.
Op 9 maart 1941 komt een einde aan de bestaande omroepverenigingen AVRO, KRO, NCRV, VARA en VPRO. Hiervoor in de plaats komt de Rijksradio De Nederlandsche Omroep (NO), een staatsomroep naar Duits voorbeeld.
Op 1 april 1941 volgt de oprichting van een eigen nieuwsdienst, de Berichtendienst Nederlandsche Omroep (BNO). De BNO houdt zich niet uitsluitend met nieuwsgaring bezig, maar verzorgt tevens economische, land. bouwkundige en culturele uitzendingen. Het BNO-radionieuwsdienst-team bestaat uit 33 medewerkers, waarvan 20 redacteuren met secretariële ondersteuning.
In oktober 1943 verhuist directeur Noordhuis met een inmiddels uitgedunde staf naar de villa
'Nieuwen Engh' op het Melkpad 34 (foto) en komt er dus nog een villa bij.
Na de bevrijding zetelt de radionieuwsdienst (van Nieuwsdienst Radio Nederland via NRU en ANP) op Melkpad 34, later gevolgd door de administratieve afdeling van de AVRO. In 1982 betrekt de (zes jaar daarvoor opgerichte) stichting ’Nederlands Omroepmuseum’ een deel van de villa.
Meer over de Rijksomroep in het boek Oorlog op de radio




